Nontuberculeuze mycobacteriële (NTM) -longinfectie
Hoesten doen we allemaal wel eens. Maar wanneer het hoesten niet overgaat en u er maar niet mee kunt stoppen, kan dat erg ingrijpend zijn. Als u aanhoudend last heeft van hoesten, vermoeidheid of kortademigheid, kan dat wijzen op een NTM‑longinfectie.
Mensen met een andere longaandoening — zoals astma, COPD of bronchiëctasieën — hebben een verhoogd risico op een NTM‑infectie. Wanneer uw bestaande klachten plots veranderen of verergeren, kan dat een signaal zijn dat er meer aan de hand is.
HET IS GOED OM DEZE KLACHTEN TE LATEN ONDERZOEKEN EN DUIDELIJKHEID TE KRIJGEN. BESPREEK DIT ALTIJD MET UW ARTS
Nontuberculeuze mycobacteriële (NTM) -longinfectie is een ernstige infectie, waarbij bacteriën betrokken zijn die longschade kunnen veroorzaken. Deze bacteriën bevinden zich veel in ons omringend water en in de bodem. Door water- en bodemdeeltjes die in de lucht zweven, kunnen de bacteriën ook de longen binnenkomen . En bij sommigen mensen kan dit een NTM-longinfectie veroorzaken. Deze infectie kan lang duren en over de tijd steeds erger worden.
Een NTM-longinfectie is niet besmettelijk
NTM-longinfectie is een infectie die mensen over de hele wereld treft. Naar schatting zijn er op dit moment zo’n 700 patiënten met een NTM-longinfectie in België.
Er zijn veel soorten nontuberculeuze mycobacteriën. Mycobacterium avium complex(MAC) is de meest voorkomende en goed voor ongeveer 50 to 60 % van alle gevallen van NTM-longinfectie in Nederland en België. Er zijn daarnaast ook andere NTM-soorten die minder vaak voorkomen, zoals M.abscessus, M.kansasii, M.malmoense, M. szulgai of M.xenopi.
Een NTM‑longinfectie kan verschillende klachten veroorzaken, zoals aanhoudend hoesten, vermoeidheid, kortademigheid, gewichtsverlies en koorts. Deze symptomen lijken vaak sterk op die van andere longaandoeningen.
Wanneer uw gebruikelijke medicijnen voor uw andere longklachten niet helpen en de klachten blijven bestaan, kan dit wijzen op een NTM‑longinfectie. Soms kan een NTM‑infectie langzaam erger worden en blijvende schade aan de longen veroorzaken.
NTM‑longinfecties worden veroorzaakt door nontuberculeuze mycobacteriën (NTM). Deze bacteriën komen overal in onze leefomgeving voor. Ze kunnen leven in water, in de bodem en in kleine druppeltjes die in de lucht zweven. Daardoor kunt u ze ongemerkt inademen.
NTM‑bacteriën kunnen aanwezig zijn in:
kraanwater
waterdamp, zoals in de douche, stoombaden of de vaatwasser
bodem van tuinen, parken of weilanden
U kunt met deze bacteriën in contact komen tijdens heel gewone activiteiten, zoals douchen, schoonmaken of tuinieren.
Iedereen komt in het dagelijks leven in contact met NTM‑bacteriën. Toch krijgt niet iedereen een NTM‑longinfectie. Mensen met een bestaande longaandoening, zoals COPD, bronchiëctasieën of astma, lopen meer risico.
Ook ouderen en mensen met een verzwakte afweer hebben een verhoogde kans om een NTM‑longinfectie te ontwikkelen. Bij hen kan het lichaam de bacteriën minder goed opruimen, waardoor een infectie gemakkelijker kan ontstaan.
Als u denkt dat u een NTM-longinfectie heeft, praat dan over met uw arts over uw symptomen. Het is belangrijk om getest te worden op een NTM-longinfectie omdat deze infectie over de tijd steeds erger kan worden en meer schade aan uw longen kan geven. Veel mensen met een NTM-longinfectie weten het soms jaren niet en hun klachten gaan niet over. Getest worden is de eerste stap naar een goede diagnose en behandeling.
Om te bepalen of u een NTM-longinfectie heeft, zal uw arts een lichamelijk onderzoek uitvoeren en uw eventuele andere longaandoeningen en symptomen onderzoeken. Ook zal uw arts u vragen wat slijm op te hoesten om te onderzoeken of daar NTM-bacteriën in zitten en een longfoto of CT-scan maken die eventuele schade aan uw longen kan laten zien. Mogelijk is er een bronchoscopie nodig bij het onderzoek.
Als een NTM-longinfectie bij u wordt vastgesteld, zal uw arts beslissen wat de volgende stap is. Er zijn verschillende behandelingen mogelijk. Uw arts zal samen met u bepalen welke behandeling het beste bij u past. Ook kan u eventueel worden doorverwezen naar een specialist die meer ervaring heeft met de behandeling van mensen met een NTM-longinfectie.
Een NTM-longinfectie wordt meestal behandeld met 3 of meer geneesmiddelen. Als u eenmaal van de bacteriën af bent, moet u mogelijk nog 12 maanden in behandeling blijven zodat de NTM-longinfectie niet terugkomt. De behandeling kan dus lang duren. Wanneer u zich aan de behandeladviezen van uw arts houdt, is de kans groter dat u van de NTM-longinfectie afkomt.
Een gezonde levensstijl kan u weerbaarder maken tegen NTM‑bacteriën. Beweging, voeding en dagelijkse gewoonten hebben invloed op hoe goed uw lichaam werkt en hoe sterk uw afweer is. Uw behandelaar kan u ook adviseren om situaties te vermijden waarin u mogelijk extra wordt blootgesteld aan NTM‑bacteriën.
Gewichtsverlies is een veelvoorkomend symptoom van een NTM‑longinfectie. Daarom is het belangrijk om een gezond gewicht te behouden en gevarieerd te eten. Goede voeding kan u helpen zich sterker en beter te voelen. Uw behandelaar of een diëtist kan u persoonlijk advies geven over welke voeding het beste bij u past.
Er zijn enkele eenvoudige maatregelen die u zelf kunt nemen om de kans op blootstelling aan NTM‑bacteriën te verkleinen:
gebruik bronwater in plaats van leidingwater
vervang waterfilters regelmatig
kook water dat u wilt drinken gedurende 10 minuten
vermijd langdurig douchen
desinfecteer de douchekop met huishoudbleekmiddel of azijn
gebruik een douchekop met grotere gaatjes
zorg voor goede ventilatie in de badkamer
tap de boiler regelmatig af om opgehoopt sediment te verwijderen
verhoog de temperatuur van de boiler tot minstens 55°C
vermijd het gebruik van luchtbevochtigers als ze niet regelmatig worden gereinigd
draag indien nodig een masker om inademing van stof te voorkomen
bevochtig tuin‑ en potgrond voordat u ermee werkt, zodat er minder stof vrijkomt
Dankzij deze partners kunnen wij onze patiënten begeleiden.